Geschiedenis

Terug naar de vorige pagina

Aankomende tram (omC 905) te Wolphaarstdijk omstreeks 1930.     Ansichtkaart

Het station van Goes had al vrij spoedig na de bouw (1868) een centrale functie. Dat verklaart ook de vele uitbreidingen aan het station en de omgeving. In dit verband was het van groot betekenis dat de N.V.Spoorwegmaatschappij Zuid-Beveland op 14 februari 1914 werd opgericht.

Op 3 december kreeg deze spoorwegmaatschappij toestemming voor de aanleg en exploitatie van verschillende lokaalspoorwegverbindingen. Dat waren de tracés Goes-Borsele-Hoedekenskerke-Goes (de zgn. 34 km. ringlijn), Goes-Wolphaartsdijkse veer (9 km), en Goes-Wemeldinge (8 km). Door de oorlogsomstandigheden van 1914-1918 kwam er vertraging in de uitvoering van deze plannen. Toen in 1919 de draad weer werd opgepakt, rezen er twijfels over de vraag of een dergelijk duur project nog wel zin had. Na uitvoerig overleg tussen Gedeputeerde Staten van Zeeland en een aantal gemeentebesturen kon eind maart 1925 eindelijk begonnen worden met de aanleg van het traject Goes-Hoedekenskerke. Alle drie de lijnen werden op 18 mei 1927 in gebruik genomen.

Deze ingebruikname vergde verschillende aanpassingen op het station van Goes, zoals de aanleg van een derde perron en de bouw van een tractiedepot voor locomotieven. Hierin kwamen enkele waterkolommen, een watertoren, een locloods en een kolenopslagplaats.

De Spoorwegmaatschappij-“Zuid Beveland” was in het bezit van een achttal kleine motorrijtuigjes. Helaas hadden de wagens veel last van technische storingen en reden ze nogal onrustig (volgens overlevering zakte eens het motorblok door de bodem en moest een achteropkomende stoomlocomotief het gestrande motorrijtuig zonder motor oppikken). Alle acht plus enkele stoomloc’s voor de goederendienst, behoorden tot het nieuwe depot van Goes. In de rustige uurtjes deden de motorwagens ook wel dienst op de hoofdlijn tussen Goes-Middelburg-Vlssingen. Maar vanaf 1929 werd het jaar al gesloten met een groot financieel tekort! Vooral de lijnen Goes-Wemeldinge en Goes-Borsele-Hoedekenskerke deden het zeer slecht. Op beide trajecten werden ongeveer acht reizigers per dag vervoerd! Dit kon zo niet langer voortduren en uiteindelijk werd besloten om de personendienst op het grootste gedeelte van de lijnen in 1934 stop te zetten. Alleen de dienst Goes-Hoedekenskerke werd voortgezet.

Met het goederenvervoer was het iets beter gesteld: vooral het bietenvervoer in het laatste kwartaal van het jaar liep goed. Ook over het vervoer van aardappelen en uien viel niets te klagen.

Gebruikte bronnen:
9

12
13


Klik op de nummers en u wordt doorgestuurd naar de bronnenlijst

Terug