Vooroorlogse beveiliging (1872-1940)
Overzicht
van de nieuwe spoorbrug en verkeersbrug bij Vlake, met op de achtergrond de oude
brug, 1937. Collectie A. Vogel

Net zoals de meeste spoorwegen is de lijn
Roosendaal-Vlissingen enkelsporig aangelegd.
Aangezien er vrij druk verkeer op de Zeeuwse
lijn was, werd deze in de vijf fasen dubbelsporig gemaakt:
-Roosendaal-Bergen op Zoom:
1885
-Middelburg-Vlissingen:1885.
-Bergen op Zoom-Kruiningen:
1887.
-Kruiningen-Middelburg:
1888.
-Aansluiting
Souburg-Vlissingen Haven: 1894
Al rond 1865 was er al beveiliging: dit in de
vorm van afstandseinpalen. Spoorwegpersoneel moest toch weten wanneer een
kruising tussen twee treinen op een andere plaats werd uitgevoerd als er
vertraging was.
Vergeleken met andere trajecten werd de Zeeuwse
lijn relatief laat van blokstelsel voorzien. In 1907 werd er vanaf Roosendaal tot Blokpost 49
(km. 3,0) blokstelsel III ingevoerd. Vanaf blokpost 49 tot Bergen op Zoom was
dit in 1913 het geval en vanaf Arnemuiden tot Middelburg is dit waarschijnlijk
in 1914 gebeurd. In datzelfde jaar ook vanaf Middelburg naar Vlissingen, in 1927
tussen ’s-Heer Arendskerke en Vlake en in 1933 was de Zeeuwse lijn compleet van
blokstelsel III voorzien: ook het ontbrekende stuk tussen Vlake en blokpost 49
werd toen voorzien.
Wegens het toenemen van de verkeersdrukte (per
trein, auto of boot) moest het Kanaal door Zuid-Beveland van Hansweert naar
Wemeldinge worden verbreed. In verband met deze verbreding en de aanleg van een
nieuwe rijksweg van Kruiningen naar Goes, werden de toen bestaande
spoorwegdraaibrug met aansluitende vaste bruggen, vervangen door een basculebrug
met aansluitende vaste stalen overspanningen en betonnen aanbruggen.
Deze nieuwe bruggen werden in 1936 en 1937
ongeveer zo’n 34 meter zuidelijker gelegd. Omdat ook een nieuwe verkeersbrug
nodig was, heeft men beide bruggen naast elkaar gelegd en wel op een
gemeenschappelijke onderbouw. Over de doorvaart van 60 meter lagen drie stalen
vaste overspanningen naast elkaar (twee enkelsporige spoorwegbruggen en een burg
voor gewoon verkeer) en over de doorvaart van 18 meter lagen twee
basculebruggen, twee gekoppelde enkelsporige bruggen en één voor gewoon verkeer.
Over de evenwijdige aan het kanaal bestaande secundaire wegen werden bruggen van
gewapend beton gelegd. Gekozen werd voor een basculebrug omdat hefbruggen i.v.m.
de kleine te overbruggen opening en de enorme hoogte van heftorens niet mogelijk
waren en draaibruggen werden niet toegepast omdat de onderbouw van de brug voor
gewoon verkeer niet met die van de spoorwegbruggen zou kunnen worden
gecombineerd. Dit i.v.m. de nodige breedte, waardoor niet alleen de kosten van
de onderbouw belangrijk groter zouden zijn geworden, maar ook grotere kosten
voor de toeleidende baanlichamen hiervan het gevolg zouden zijn geweest.
Gebruikte bronnen:
27
31
Klik op de nummers en u wordt doorgestuurd naar de
bronnenlijst