De Tweede Wereldoorlog en de Watersnoodramp van 1953

De oorlogsdreiging in 1939 was goed te merken
in het spoorwegverkeer. Aangezien militairen na afkondiging van mobilisatie zich
per spoor moesten verplaatsen, was er in deze tijden beperkt reizigersvervoer
voor burgers.
Slechts op 31 augustus en 3 september 1939 reden
er voor burgers nog treinen volgens een dienstregeling met de naam Op Hoog
Bevel. Het was echter een erg vereenvoudigde dienst met vier treinen per
baanvak met enkel pendeldiensten op korte trajecten. Vaak waren kleinere
stations gesloten. In Zeeland waren dit Rilland-Bath, Krabbendijke,
Kapelle-Biezelinge en Arnemuiden.
Aan het einde van september was alles weer
normaal, nadat op 11 september 1939 alle gesloten stations weer in dienst
kwamen.
De inval van de Duitsers in de morgen van tien
mei 1940 legde het complete treinverkeer in Nederland stil. Veel bruggen,
treinen stationnen en andere doelwitten werden gebombardeerd/beschoten en in
totaal bedroeg de schade dan ook 36 miljoen gulden.
Toch viel Zeeland aanvankelijk niet onder de capitulatievoorwaarden. Op 17
mei 1940 om 9.20 uur begonnen de Duitse legers de aanval op de Sloedam tussen
Zuid-Beveland en Walcheren. De hele dag werd hier hevig gevochten en
uiteindelijk geven de verdedigers zich over en zo trekken de Duitse legers om
17.20 uur Arnemuiden binnen. Het spoor over de Sloedam was zwaar beschadigd. De
lijn was op diverse plaatsen vernield en explosies hadden gaten in het wegdek
van de Sloedam geslagen en de brug over het Kanaal door Zuid-Beveland bij Vlake vernield. Ook was de draaibrug over de Oude Arne tussen
Middelburg en Arnemuiden verwoest. Spoorwegarbeiders werden ingezet om het spoor
te herstellen.
Op 29 mei 1940 werd het baanvak Roosendaal –
Bergen op Zoom opnieuw in gebruik genomen en de vier paar treinen per dag
stopten ook in Wouw.
Op 5 juni 1940 kreeg Zeeland drie treinen per
dag tussen Bergen op Zoom en Kruiningen-Yerseke. Nadat de brug bij Vlake over
het Kanaal door Zuid-Beveland was hersteld reden er vanaf 15 augustus 1940 zes
treinen in iedere richting tussen Vlissingen en Roosendaal.
Omdat de Duitsers Zeeland tot Sperrgebiet
hadden verklaard hadden burgers alleen toegang met een Ausweis. Een trein
onderweg naar Zeeland stopte op het station Rilland-Bath voor strenge controle
op geldige papieren.
Om te kunnen voldoen aan de eis van de bezetter
tot het leveren van bovenbouwmaterialen werd in het najaar van 1942 besloten het
zuidelijke spoor van Goes naar ’s-Heer Arendskerke en het noordelijke spoor van
’s-Heer Arendskerke naar Vlissingen op te breken. Pas in 1943 is dit voltooid,
evenals de opbraak van het twee kilometer lange spoor naar losplaats Vlake.
Tussen Vlissingen en Goes werd toen tijdelijk Blokstelsel A in dienst gesteld,
om toch een veilig treinverkeer te garanderen.
In september 1942 werden de SZB-lijnen van Goes
naar Wolphaartsdijkscheveer en naar Wemeldinge opgebroken. Van het plan om de
ringlijn op Zuid-Beveland op te breken is gelukkig niet veel terechtgekomen.
Wat in juni 1944 was opgebroken werd in augustus weer herlegt omdat de los- en
laadplaatsen nodig waren voor het afvoer van landbouwproducten.
Op 19 juli 1944 werd trein 3005 tussen
Vlissingen en Middelburg met boordwapens vanuit een vliegtuig onder vuur
genomen. De leerlingmachinist overleed op 7 augustus in het Middelburgse
ziekenhuis.
Vanaf begin september 1944 waren de belangrijkste aanvalsdoelen van de
geallieerden in Zuid-Beveland de Vlakebruggen en de Kreekrakdam en tussen dit
eiland en Walcheren was de Sloedam de voornaamste schakel. Door zware
luchtaanvallen wer de spoorlijn onherstelbaar beschadigd. Na de aanvallen leek
de Sloedam op een maanlandschap met kraters. De rails waren op diverse plaatsen
vernield en staken over een lengte van meer dan 50 meter omhoogd als een hek.
Vooral jongens en mannen uit de omliggende dorpen werden herhaaldelijk gedwongen
herstelwerkzaamheden te verrichten aan de beschadigde dam. Maar vanwege het werk
voor de vijand en gevaar van luchtbombeschietingen stond men niet te popelen om
aan het werk te gaan. Daarom moesten ook de Duitsers zelf aan het werk, ook bij
de Kreekrakdam en de Vlakebrug.
Omdat de Britten ten noorden van de
Westerschelde de dijken van Walcheren bombardeerden, om het eiland onder water te
zetten en de Duitse verdediging te bemoeilijken, waren Vlissingen en Middelburg
alleen nog maar per trein bereikbaar. Dit traject liep bij vloed zelfs onder
water. Door bommen, granaatvuur en Duitse vernielingen worden vrijwel alle
posten op de Zeeuwse lijn vernield en werden er circa 40 gaten in de spoorbaan
geslagen. In oktober landden de Britse 4e Commando Brigade en de
Nederlandse Commando’s nr. 2 Troep in Vlissingen en Westkapelle. Op vrijdag 3
november 1944 werd Vlissingen bevrijd. Op maandag 6 november zijn geheel
Walcheren, Zuid- en Noord-Beveland bevrijd.
Na de bevrijding kon de balans worden opgemaakt.
Van het enkelspoor dat er nog lag, was niet veel meer overgebleven. Ook de
Sloedam was vernield. Omdat de geallieerden ook moesten zorgen voor de
levensbehoeften van de bevolking kreeg de Zeeuwse spoorweg een militair belang
en kwam dit traject voor een spoedig herstel in aanmerking. Er werd één spoor
hersteld maar door vorst en sneeuwval werd het herstel bemoeilijkt.
Vanaf 4 januari 1945 weer bescheiden
treinverkeer mogelijk was tussen Vlissingen en Goes, nadat het baanvak
Middelburg-Vlissingen al op 26 november 1944 berijdbaard was. Van dit naoorlogse
treintje hoeft men zich niet veel voor de stellen; de snelheid was maar zeer
gering. Meestal bestond de ‘trein’ uit een “Sik” (rangeerloc die zijn bijnaam
dankt aan het mekkerende geluid van de hoorn) die was gehuurd van de Koninklijke
Maatschappij de Schelde. Hierachter waren twee rijtuigen en soms een open
kolenwagen gekoppeld.
Vanaf 9 februari 1945 reed er voor het eerst na
de oorlog een trein van Roosendaal naar Kruiningen-Yerseke. Tussen Bergen op
Zoom en Rilland-Bath had de trein met loc 3604 slechts een voetgangersnelheid.
Pas op 30 april 1945 werd de treindienst uit
Roosendaal officieel doorgetrokken tot Bergen op Zoom (driemaal per dag) en op
23 juni 1945 tot Kapelle-Biezelinge en Goes, alhoewel hier al wel eerder treinen
vanaf Middelburg hadden gereden.
Van de brug bij Vlake was de oostelijke
basculebrug intact gebleven doordat een aantal werklieden ter plaatse tijdig de
springlading wist te verwijderen. De schade aan het seinwezen op de Zeeuwse
spoorlijn bedroeg ongeveer f200.000,-!
Al op 26 januari 1945 verscheen in Zeeland het
eerste officiële spoorboekje in bevrijd gebied. Het vervoer over lange afstand
kwam in zicht met twee paar treinen. De ene vertrok om 13.47 in Vlissingen en
kwam om 21.01 aan in Blerick (Venlo). De andere trein vertrok ’s morgens al heel
vroeg uit Goes.
Na de oorlog werd ook de beveiliging op het
enkelsporig baanvak tussen Goes en Lewedorp veranderd; er kwam nu weer
blokstelsel III in dienst. Tussen ’s- Heer Arendskerke en Lewedorp was dit op 26
januari 1950 het geval, Tussen Goes en ’s-Heer Arendskerke op 8 mei 1950.
Na de Tweede Wereldoorlog kwamen er plannen om
de Zeeuwse lijn de elektrificeren. Als de Watersnoodramp er niet was geweest,
was de elektrificatie zeer waarschijnlijk in 1953 uitgevoerd, evenals het geheel dubbelsporig maken.
Echter door de combinatie van springvloed en een
grote noordwesterstorm braken in de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 in
grote delen van Zeeland en Zuid-Holland de dijken door. Grote gebieden kwamen
onder water te staan en veel mensen en dieren verdronken.
Ook de materiële schade was
groot! Onder andere de Zeeuwse spoorlijn heeft veel geleden van het water.
Tussen Bergen op Zoom en Woensdrecht was de spoorlijn over een lengte van bijna
2 km weggeslagen en toen tussen Krabbendijke en Kruiningen de spoorbaan dmv.
bekisting droog werd gelegd werd dit traject al gauw tot ‘Badkuipspoorweg’
betiteld.
Voorbij Kruiningen viel de
schade behoorlijk mee. Op 3 februari 1953 kon het te Vlissingen gestalde
dieselstel 184 een pendeldienst op Arnemuiden gaan onderhouden en op 16 februari
kon dit worden verlengd tot Goes. Vanaf 9 maart kon Kapelle Biezelinge worden
bereikt. De reizigersdienst kon tussen Krabbendijke en Kapelle-Biezelinge pas op
3 augustus worden hervat.Verder richting Bergen op Zoom reden de treinen al weer
mondjesmaat sinds 21 april.
Gebruikte bronnen:
9
20
21
23
24
26
31
Klik op de nummers en u wordt doorgestuurd naar de
bronnenlijst